Bladen uit 9de-eeuws manuscript ontdekt bij Bijzondere Collecties UvA

11 april 2013

De band van een zestiende-eeuws boek in de Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam blijkt te zijn gemaakt van twee bladen uit een negende-eeuws manuscript dat gebruikt is aan het hof van Karel de Kale, kleinzoon van Karel de Grote. De band wordt gepresenteerd in aanwezigheid van de beide ontdekkers op 11 april om 17.00 uur in het Museumcafé van de Bijzondere Collecties.

Karel de Kale

De opmerkelijke ontdekking werd gedaan door twee internationale experts tijdens een summerschool over boekgeschiedenis die jaarlijks wordt georganiseerd aan de UvA. Nicholas Pickwoad, een vooraanstaand kenner van boekbanden, kreeg het boek onder ogen tijdens een workshop. Hij vermoedde dat het hergebruikte perkament waarvan de band gemaakt is afkomstig moest zijn uit een zeer oud manuscript. Dat vermoeden werd bevestigd door de eveneens in Amsterdam aanwezige mediëviste Rosamond McKitterick, gespecialiseerd in manuscripten uit de Karolingische periode. Volgens haar was het manuscript gemaakt rond 860, mogelijk in Compiègne in Frankrijk.

De bladen maakten ooit deel uit van een lectionarium, een liturgisch manuscript, uit het persoonlijke bezit van keizer Karel de Kale (823–877). In het voetspoor van zijn grootvader Karel de Grote stimuleerde hij de vervaardiging van fraai geschreven, rijkverluchte manuscripten. Kenmerkend voor deze zogenaamde Karolingische handschriften zijn de vergulde beginletters op een paars geschilderde ondergrond, gedecoreerd met acanthusbladen. Er zijn er maar heel weinig van bewaard gebleven, en dat maakt de ontdekking van deze onbekende fragmenten bijzonder.

Band van fragmenten van een negende-eeuws manuscript

Voorkant van de band

Johannes Calvijn

Na de Reformatie in de zestiende eeuw werden veel ‘paapse’ manuscripten versneden en hergebruikt. De nu ontdekte bladen werden toen benut voor het inbinden van een werk van uitgerekend Johannes Calvijn, de grondlegger van het calvinisme. Bovendien is het boek, verschenen in 1565 in Genève, in bezit geweest van Germain Colladon, de rechter die Calvijns tegenstander Michel Servet tot de brandstapel veroordeelde.

Na de ontdekking door Nicholas Pickwoad en Rosamond McKitterick is de boekband met röntgenfotografie en geavanceerde scantechnieken geanalyseerd door Hendrik Hameeuw van de KU Leuven, medewerkers van de opleiding Conservering en restauratie van de UvA en radiologen van het Academisch Medisch Centrum Amsterdam. ‘Het is prachtig om te zien dat er door het samenbrengen van internationale kennis nieuwe vondsten worden gedaan’, aldus hoofdconservator Garrelt Verhoeven. ‘De uitzonderlijk rijke bibliotheek van de UvA biedt nog voor jaren stof voor ontdekkingen’.

Gepubliceerd door  Bijzondere Collecties UvA